Gardenino

Bessenstruik met grote waarde in de tuin

June 27, 2026 · 5 min leestijd · Tomas Rohlena
Bessenstruik met grote waarde in de tuin
Zwarte bes / Foto: Depositphotos
AD

De sappige, aangenaam frisse bessen van aalbes horen bij het fruit dat je in de keuken altijd kunt gebruiken. Ze doen het uitstekend in gebak, in gelei en jam, in sappen, siropen en zelfs in huisgemaakte wijn. Juist daarom hebben aalbessen al jarenlang een vaste plek in Nederlandse tuinen. Zowel struiken als stamvormen zijn bovendien niet overdreven veeleisend, zien er mooi uit en belonen je bij redelijke verzorging met een rijke oogst. Behalve de smaak is ook de hoge hoeveelheid vitamine C en andere waardevolle stoffen een pluspunt.

Hoe de aalbes zich over Europa en naar ons verspreidde

Het exacte begin van de teelt van aalbes is niet helemaal eenduidig vast te stellen, maar historische vermeldingen laten zien dat rode en witte aalbes al in de 15e eeuw doelgericht werden geteeld en veredeld in sommige Europese landen, bijvoorbeeld in Denemarken, Duitsland of in Nederland. Geleidelijk verspreidde de teelt zich verder en in de Tsjechische landen wordt rode aalbes al rond het midden van de 16e eeuw genoemd. Naar Noord-Amerika kwam aalbes pas later, aan het begin van de 17e eeuw, vooral via import.

Zwarte bes heeft een ander verhaal. De oorsprong wordt vaak in verband gebracht met Siberië, waar de plant lange tijd vooral als geneeskruid werd gezien. Naar Europa kwam hij op grotere schaal ongeveer in de 18e eeuw en door de daaropvolgende veredeling werd het een struik met aanzienlijk hogere productiviteit. Pas daarna kregen de aromatische vruchten ook in de keuken een vaste plek.

Waarom aalbes ook nu nog de moeite waard is

Aalbes is geliefd niet alleen om de smaak, maar ook om de samenstelling. De vruchten hebben een lage energetische waarde, zijn meestal minder zoet, bevatten nauwelijks vet en juist veel water. Rode en witte aalbes leveren het lichaam onder andere calcium, ijzer en fosfor, daarnaast provitamine A en vitamine B1. Zwarte bes blinkt uit met een breder spectrum aan stoffen: naast B-vitaminen bevat hij ook caroteen, rutine, citroenzuur en tanninen.

De grootste trekker is echter vitamine C. Vooral zwarte bes is hierin uitzonderlijk sterk, want hij kan er veel meer van bevatten dan citrusvruchten. Van aalbessen worden daarom traditioneel sappen gemaakt, die thuis vaak worden gebruikt bij verkoudheid, keelpijn of in periodes van verhoogde belasting. Aalbes wordt ook gewaardeerd om het licht vochtafdrijvende effect, wat van pas kan komen wanneer je de uitscheiding wilt ondersteunen.

Pectine als natuurlijke hulp bij inmaken

Een groot voordeel van aalbes is ook het hogere pectinegehalte. Juist dat helpt het mengsel van nature te geleren, waardoor aalbes heel geschikt is als basis voor gelei of als toevoeging aan jam van ander fruit dat uit zichzelf minder goed geleert. De frisse, lichtzure smaak werkt bovendien verkwikkend, en daarom zijn aalbessen ook ideaal voor huisgemaakte sap, siroop en wijn.

Aanplant en basisverzorging van aalbesstruiken

Aalbes kun je zowel in het voorjaar als in het najaar planten. Bij pas gekochte planten loont het om de wortels vóór het planten ongeveer een dag in water te zetten, zodat de plant beter op gang komt. Denk bij het plannen van de plantafstand vooruit: afzonderlijke struiken zet je meestal ongeveer anderhalve meter uit elkaar, omdat ze met de jaren forser worden en je bij het plukken ruimte ertussen nodig hebt. Met goede verzorging kunnen struiken heel lang productief blijven, gerust twee decennia, dus de plek die je ervoor reserveert blijft jarenlang bezet.

Grond, plantdiepte en snoei na het planten

Aalbessen zijn niet overdreven kieskeurig wat betreft grond. Gewone tuingrond die je verbetert met compost is doorgaans voldoende. Bij witte en rode aalbes wordt bij het planten aangeraden de scheuten enkele centimeters dieper te zetten, ongeveer 5 tot 10 cm onder het maaiveld, zodat de struik beter verankert en een goede basis vormt. Na het planten worden de scheuten teruggezet tot ongeveer 20 cm boven de grond. Zwarte bes plant je ook iets dieper en wordt na het planten eveneens teruggesnoeid.

Een belangrijk onderdeel van de teelt is regelmatig snoeien. Bij zwarte bes worden oudere, ongeveer vierjarige takken meestal weggesnoeid, zodat de struik verjongt en nieuwe scheuten maakt. Het doel is de plant luchtig te houden en langdurig productief.

Aalbes / Foto: Depositphotos
Aalbes / Foto: Depositphotos

Bestuiving en bemesting tijdens het seizoen

Bij zwarte bes is het voor een betere oogst vaak gunstig om minstens twee struiken te telen, zodat ze elkaar kunnen bestuiven. Nog beter is het om twee verschillende rassen te kiezen, wat vaak zowel de hoeveelheid als de kwaliteit van de vruchten verhoogt. Tijdens de bloei en de daaropvolgende vruchtzetting is het verstandig de struiken regelmatig bij te mesten, omdat ze juist dan de grootste behoefte aan voedingsstoffen hebben.

Ziekten en waar je per soort op moet letten

Zwarte bes wordt over het algemeen als behoorlijk sterk gezien, maar kan toch last krijgen van bepaalde problemen. Tot de gevreesde aantastingen behoort Weymouthdennenroest, die de plant verzwakt en de opbrengst kan verlagen. Bij witte en vooral rode aalbes kan juist anthracnose optreden. In het uiterste geval kan dit de struik ernstig beschadigen of zelfs doen afsterven, daarom is het belangrijk verslechtering van het blad en de algehele conditie van de plant tijdig op te merken.

Struik of stamvorm en wat voor jou handiger is

Bij de keuze van de teeltvorm spelen ruimte en verwachtingen een rol. Struiken geven vaak een hogere opbrengst en doorgaans ook langer vrucht, vaak tot rond de twintig jaar. Stamvormen worden meestal aangehouden met het oog op ongeveer tien tot vijftien jaar productiviteit. Deskundigen noemen ook vaak dat struikvormen beter bestand zijn tegen ziekten dan stamvormen.

Stamvormen hebben echter één praktisch voordeel: ze nemen minder plek in op het perceel. Daardoor kun je er meer dichter bij elkaar planten, of ze zelfs in grotere potten houden, bijvoorbeeld op het terras. De keuze hangt dus af van of je de oogst en de levensduur wilt maximaliseren, of juist ruimte wilt besparen en de teelt aan een kleinere plek wilt aanpassen.

Bron: Food Garden Life, Almanac, Pestrazahrada.cz

Delen
AD
Tomas Rohlena
Tomas Rohlena

Liefhebber van de natuur, de tuin en alles wat beweegt, bloeit of groeit. Hij kweekt letterlijk alles, van kruiden tot zeldzame soorten, en zorgt net zo graag voor dieren. In zijn werk verbindt hij moderne technologie met beproefde oma-methoden en hij is blij wanneer beide wegen naar hetzelfde doel leiden.

Beoordeel dit artikel
5.0 (1)

Gerelateerde artikelen

Reacties (0)

Wees de eerste die reageert.

Laat een reactie achter
AD